Als ik deze column schrijf, zitten we midden in de sportzomer. Renners in de Tour de France die op adembenemende cols diep gaan om hun klassering te behouden of een plekje te stijgen. Voetballers die tijdens het WK in de verlenging diep gaan om met een schitterende tackle hun tegenstander van scoren af te houden en zo een penaltyserie afdwingen. Dit seizoen is zelfs het thema van de Theoloog der Nederlanden ‘diep gaan’.
Hij zei in zijn aanvaardingsspeech: ‘Diep gaan gaat over het aanspreken van je reserves, als de benen verzuren, het je zwart voor de ogen wordt en je toch doorgaat. Een fietser die diep gaat, vreest altijd de man met de hamer, waardoor je de pedalen niet meer rond krijgt, misschien zelfs moet afstappen.’ In de diepte ontmoet je jezelf. Waar blijf jij als je reserves opraken?
Crises hebben de eigenschap dat ze ons confronteren met grenzen
Dit is ook een relevante vraag bij crisisbeheersing. Crises hebben namelijk de eigenschap dat ze ons confronteren met grenzen. Grenzen van systemen, processen en protocollen, maar vooral van mensen. In oefeningen lijkt een crisis vaak overzichtelijk. Rollen zijn verdeeld, informatie komt binnen en de koffie is binnen handbereik.
De werkelijkheid is weerbarstiger. Incidenten duren langer dan verwacht, informatie is onvolledig of tegenstrijdig, en vermoeidheid sluipt ongemerkt naar binnen. Juist dan wordt zichtbaar waar crisisbeheersing over gaat. Niet alleen over procedures, maar juist ook over karakter. Over professionals die onder druk kalm blijven. Over leiders die besluiten durven nemen met beperkte informatie. Over teams die elkaar vasthouden in een onzekere situatie. De vraag is dan niet of je moe wordt, maar wat je doet als de vermoeidheid toeslaat.
Wie diep gaat, ontdekt vaak twee dingen. Ten eerste dat de persoonlijke reserves groter zijn dan van tevoren gedacht. Ten tweede dat we juist in die kwetsbaarheid afhankelijk worden van anderen. Een goede crisisorganisatie draait daarom niet op helden, maar op vertrouwen. Op collega’s die taken overnemen, fouten corrigeren en elkaar scherp houden. Veerkracht ontstaat zelden alleen. Misschien is dat wel de belangrijkste les van diep gaan. In een crisis leer je niet alleen de situatie kennen, maar ook jezelf én je collega’s. Wat geeft jou energie als alles tegenzit? Waar put je hoop uit als oplossingen uitblijven? Wie heb je nodig om vol te houden?
Blijven trappen
Fietsers weten dat de zwaarste klim niet eindeloos duurt (ik spreek uit ervaring). Er komt een moment waarop de top in zicht komt, hoe ver hij ook nog lijkt. De kunst is niet om de pijn te ontkennen, maar om te blijven trappen. Soms hard, soms tergend langzaam. Crisisbeheersing vraagt hetzelfde. Wie bereid is diep te gaan, ontdekt dat juist voorbij de verzuring ruimte ontstaat voor perspectief. En met de blik op de top blijkt vaak dat er nog meer in de tank zat dan je dacht.
Mr. Ben den Tuinder is hoofddocent recht bij de opleiding Safety & Security Management van Hogeschool Saxion.
Reacties? Graag! b.c.dentuinder@saxion.nl
Meer blogs van Ben den Tuinder
Volg Security Management op LinkedIn






