Recente gebeurtenissen, zoals afgelopen zomer de moord op Lisa uit Abcoude, zorgen voor meer aandacht voor geweld tegen vrouwen. UN Women probeert al jaren de aandacht voor gendergerelateerd geweld te vergroten, bijvoorbeeld met de campagne Orange The World. ‘Het zou mooi zijn als er niet zestien dagen maar het hele jaar aandacht voor is’, zegt Marije Cornelissen, directeur van UN Women Nederland.
Door Elske Koopman / Beeld: UN Women Nederland
Voor de landelijke verkiezingen en de daaropvolgende gemeenteraadsverkiezingen op 26 maart heeft de Nederlandse tak van de vrouwenorganisatie van de Verenigde Naties punten aangegeven die lokale en landelijke politieke partijen kunnen opnemen in hun verkiezingsprogramma’s. Daarin staat bijvoorbeeld dat er meer aandacht moet komen voor samenwerking tussen de verschillende organisaties, er meer opvangplekken moeten komen en dat overheden en organisaties jongens en mannen meer moeten betrekken bij het voorkomen van geweld tegen vrouwen.
Campagne Orange the World
Jaarlijks kleuren gebouwen in de wereld en in Nederland oranje tijdens de campagne Orange the World, die plaatsvindt van 25 november, de Internationale Dag tegen Geweld tegen Vrouwen, tot 10 december, de Internationale Mensenrechtendag. De moord op Lisa geeft dat geweld een gezicht, maar UN Women vraagt met de campagne al jaren aandacht hiervoor. De campagne is volgens Cornelissen nu wel in een stroomversnelling gekomen: ‘De petitie hebben we al gelanceerd, waarin mensen de lokale politiek kunnen oproepen om meer te doen aan preventie van geweld tegen vrouwen. Er zijn nu iets meer dan 2000 ondertekenaars, maar dat moeten er minimaal 20.000 worden.’

Af en toe een klap
Actie is namelijk hard nodig. Eén op de drie vrouwen krijgt in haar leven te maken met psychisch, fysiek of seksueel geweld. In Nederland is dat zelfs 45 procent. ‘Dat het hier een hoger percentage is, heeft vooral te maken met verschillen tussen landen. In landen waar veel geweld plaatsvindt, vinden vrouwen af en toe een klap helaas heel normaal. De cijfers zijn op basis van zelfrapportage, dus als zij dat niet zien als geweld, rapporteren ze dat niet. Gelukkig is er in Nederland wel het besef dat ook af en toe een klap niet normaal is’, zegt Cornelissen.
Zij ziet dat het bij straatintimidatie hier nog niet zover is: ‘Als je vrouwen vraagt of ze last hebben van straatintimidatie, zeggen ze vaak van niet. Als je specifieker gaat vragen, de Erasmus Universiteit heeft dat gedaan, dan zie je dat 84 procent bijvoorbeeld wel te maken heeft gehad met hinderlijke achtervolging, betasting, scheldpartijen of gesis.’
> LEES OOK: Slachtoffers van psychisch geweld gaan zelden naar de politie
Lokaal actieplan
Cornelissen hoopt dat de nieuwe besturen die volgend jaar aantreden in gemeenten een lokaal actieplan maken om geweld tegen vrouwen aan te pakken. ‘Er zijn al goede voorbeelden, zoals de gemeente Castricum die in de zomer extra aandacht heeft voor intimidatie op het strand bijvoorbeeld.’ Ze is ook blij met de aankondiging van de gemeente Amsterdam die zes miljoen euro uittrekt voor veiligheid van vrouwen. Dat geld gaat zowel naar preventie als naar hulpverlening.
> LEES OOK: Kabinet investeert 20 miljoen in veiliger stations
Samenwerking kan beter
‘Amsterdam is altijd al een voorloper op dit gebied, maar ik ben hier blij mee’, zegt Cornelissen. De politie-eenheid Amsterdam richt een platform stop geweld tegen vrouwen op, waarin dertig agenten uit verschillende onderdelen en disciplines samenwerken. ‘Dat is ook een goed initiatief. Dat zou landelijk goed zijn, maar ook lokaal. Die samenwerking kan zowel lokaal als landelijk beter’, vindt Cornelissen.
‘Het thema valt nu tussen de ministeries van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voor preventie, Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor opvang en Justitie en Veiligheid voor de aanpak. Wij hebben al eens gepleit voor een nationaal coördinator op dit vlak, zoiets als de functie van Mariette Hamer die nu regeringscommissaris seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld is. Maar die functie is tijdelijk en met te weinig mandaat. De rol zou hetzelfde moeten zijn als de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding met bijbehorende bevoegdheden.’
Aandacht voor geweld tegen vrouwen in Troonrede

Ze is blij met de aandacht voor geweld tegen vrouwen op Prinsjesdag. Orange the World-ambassadeur Olcay Gulsen was de gast van D66-Kamerlid Hanneke van der Werf en beiden verschenen in zwarte jurk met oranje handschoenen.
Daarnaast benoemde de koning dit jaar in de Troonrede dat veel meisjes en vrouwen zich onveilig voelen en hij benoemde geweld tegen vrouwen en vrouwenmoord. Hij kondigde extra geld aan voor het bestrijden ervan. Het kabinet wil 12 miljoen euro extra uitgeven aan opvangplekken voor vrouwen.
Eerst zien, dan geloven
‘In de huidige politieke situatie is het een kwestie van eerst zien dan geloven. Het geld is wel hard nodig, want er zijn nu nog te lange wachtlijsten. Zo kon een vrouw met een baby nergens terecht terwijl het thuis gevaarlijk was. Dat mag niet gebeuren’, zegt Cornelissen. Overigens ziet zij ook dat het geweld soms niet serieus wordt genomen: ‘Dan hoort een vrouw die bijna vermoord was, dat ze toch met haar ex-man moet blijven omgaan, omdat hij de vader is van haar kinderen.’ Dat kan en moet volgens haar anders als verschillende instanties beter samenwerken en er bijvoorbeeld landelijk een meldpunt komt en slechts één telefoonnummer waar slachtoffers of getuigen terechtkunnen om geweld of verdenkingen daarvan te melden.
‘We hebben in 2020 een inventarisatie gedaan en daaruit bleek dat er wel dertig verschillende telefoonnummers zijn om geweld te melden bij verschillende organisaties, bijvoorbeeld Veilig Thuis, het centrum voor seksuele intimidatie, en voor sporters is er weer een andere organisatie’, aldus Cornelissen.
Topje van de ijsberg
Vrouwenmoord en ernstig geweld zijn volgens de directeur het topje van de ijsberg: ‘Het begint al bij de basis, een beetje stoer doen, jongens die vrouwen objectiveren; daar moet je beginnen. In de provincie Drenthe hebben ze daarvoor al het initiatief veilige kleedkamers. Daar pakken ze de stoere praatjes aan en zo zou het overal moeten.’
Beveiligers moeten oog hebben voor intimidatie
Actief omstander
Beveiligingsprofessionals kunnen in de openbare ruimte al veel doen, als zogeheten actieve omstanders. ‘Zij moeten oog hebben voor tekenen van psychisch geweld en intimidatie. Ze kunnen trainingen volgen om intimidatie en geweld te herkennen en te voorkomen. Eigenlijk zouden alle mensen die in de openbare ruimte werken, zulke trainingen moeten volgen, zoals vuilnismannen en mensen van de plantsoenendienst.’
Signalen die hun doel voorbijschieten
Signalen zoals het handgebaar om een vuist te maken met de duim erin en dan de vingers weer te spreiden, het vragen naar Angela in de horeca of naar masker 19 bij de apotheek zijn goedbedoeld, maar schieten volgens Cornelissen hun doel voorbij: ‘Dat werkt alleen als de daders niet weten wat het betekent. Anders werkt het vooral averechts, omdat de vrouwen zichzelf dan nog meer in gevaar brengen als ze op die manier om hulp vragen.’
Een voorbeeld van wat wel werkt, kent ze uit Duitsland: ‘Daar zetten ze het hulpnummer op broodzakken. Zo komt een hulplijn met dagelijkse producten het huis in, zonder dat het opvalt. We zijn hier met Campina in overleg geweest om hulpnummers op melkpakken te krijgen, maar dat is niet gelukt. Bedrijven willen in Nederland graag met vrolijkheid worden geassocieerd, niet met narigheid. Maar allereerst moet er een goed meldpunt komen dat voor iedereen gemakkelijk bereikbaar is.’
> LEES OOK: Ruim 1,7 miljoen slachtoffers van seksueel grensoverschrijdend gedrag
Cameratoezicht en handhaving
Extra cameratoezicht en handhaving zouden kunnen helpen, denkt Cornelissen, maar op specifieke plekken. ‘Op hotspots in het uitgaansleven kunnen meer camera’s en extra patrouilles helpen om vrouwen zich veiliger te laten voelen. Het gevoel van onveiligheid is namelijk heel belemmerend. In Rotterdam hebben ze onderzoek gedaan en daaruit bleek dat tien procent van de meisjes en vrouwen ’s avonds niet meer de deur uit durft. Zestig procent kijkt in de openbare ruimte geen man in de ogen uit angst voor intimidatie. Moet je nagaan dat de helft van de mensen de andere helft niet durft aan te kijken, dat is toch niet normaal!’
Kleur oranje hoort bij geweld tegen vrouwen
De aandacht voor het geweld tegen vrouwen neemt toe en ook weten steeds meer mensen en organisaties dat de kleur oranje bij dit onderwerp hoort. Zo hadden enkele gemeenten bouwwerken oranje gekleurd na de moord op Lisa uit Abcoude. Iets wat deelnemende gemeenten massaal doen tijdens de campagne Orange the World.
‘We hopen dat deze aandacht zorgt voor meer deelnemers aan de campagne. Tweehonderd van de driehonderdveertig gemeenten in Nederland doen al mee. In andere gemeenten zijn al moties ingediend in de gemeenteraden om aan te sluiten. Daar verwachten we veel van, maar nog steeds blijft het streven dat het onderwerp het hele jaar bovenaan de agenda staat’, besluit Cornelissen.
Volg Security Management op LinkedIn







