Het is een regelmatig terugkerende vraag: moeten buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) de beschikking krijgen over wapens? Het lijkt logisch, want deze boa’s zijn vaak ook belast met politietaken. Toch is Jaap Timmer niet enthousiast.
Door Peter Passenier
Jaap Timmer is politiewetenschapper, maar in z’n vrije tijd brengt hij ook vele uren door als vrijwillig schaapherder. En soms gebeurt het dat die twee functies elkaar overlappen. ‘Een jaar of wat geleden liep ik met de schaapskudde op de hei toen ik werd bedreigd door motorrijders. Dat waren illegale crossers die dwars door mijn kudde heen wilden. Natuurlijk heb ik de politie gebeld, maar die was gewoon niet beschikbaar. En toen ik eindelijk iemand te spreken kreeg, was het duidelijk dat die hier niets aan kon of wilde doen.’
Boa’s in plaats van veldpolitie
Timmer weet wel waarom. ‘Ooit hadden we de veldpolitie. De desbetreffende agenten waren volledig bewapend en hadden bovendien een extra opleiding gehad voor het handhaven van jachtwetten, natuurwetten, milieuwetten et cetera. Dat waren meestal mensen uit families van jagers en boeren, en die kenden het gebied en de mensen daar van binnen en van buiten. Maar de wetgever heeft de grote fout gemaakt om die veldpolitie op te heffen.’
Dus ontstond er een vacuüm, en dat werd opgevuld door boa’s zoals boswachters. Geen ideale oplossing, want die worden vaak geconfronteerd met harde criminaliteit: stroperij en illegale milieulozingen. En in tegenstelling tot de politie beschikken deze boa’s niet over geweldsmiddelen, zoals wapenstokken, handboeien en vuurwapens. Logisch dus, dat de bond voor boa’s daar verandering in wil brengen.
> LEES OOK: Anne Marie Bosman over boa’s: ‘Een vak apart waar we trots op mogen zijn’
Geweldsmonopolie bij de politie
Maar hier is Timmer niet enthousiast over. Allereerst om principiële redenen. ‘We hebben in Nederland een heel belangrijk grondbeginsel: het monopolie op geweld ligt bij de staat. En de uitvoering daarvan is belegd bij de politie, voor rechtshandhaving, en bij defensie, voor landsverdediging. Af en toe maken we daar al een uitzondering op: de Tweede Kamer heeft toegestaan dat particuliere beveiligers op civiele handelsschepen worden voorzien van vuurwapens. Dat is echt nodig omdat die schepen kunnen worden aangevallen door piraten. Mijn punt is dat het een bewuste democratische keuze moet zijn. Als we boa’s gaan bewapenen, dan kan dat alleen na een besluit van de Tweede Kamer. En nu zie je dat het sluipenderwijs gebeurt: eerst nemen boa’s de taken van de politie over, en daarna ook hun wapens.’
> LEES OOK: NS krijgt toestemming voor proef met wapenstok
Verschil in opleiding
Daarnaast zijn er volgens hem ook praktische redenen voor zijn twijfel. ‘Ik wil niks negatiefs zeggen over boa’s, maar hun opleiding verschilt nogal van die van de politie. Agenten krijgen een gestandaardiseerde basisopleiding van twee jaar, terwijl de boa’s worden opgeleid door allerlei commerciële instanties. Officieel is de politie daar toezichthouder, maar daar worden heel weinig fte’s voor uitgetrokken. Dus hebben we een vrij beperkt beeld van wat de boa’s allemaal wel en niet aangeleerd krijgen.’
Voorzichtigheid geboden
Bovendien krijgt Timmer een déjà vu, en dat stemt niet hoopvol. ‘Zo rond 1995 deed ik een groot onderzoek naar het vuurwapengebruik door de overheid. Voor die tijd had je nog zogenoemde onbezoldigde ambtenaren van rijkspolitie. En die kregen allemaal standaard een wapenstok, een set handboeien en ook een pistool. Maar wat bleek? Als deze ambtenaren hun vuurwapen gebruikten, dan werd dat over het algemeen beoordeeld als onrechtmatig. Soms ging het zelfs over privézaken. Een van die mannen had ruzie met z’n buurman vanwege overlast van diens hond. En dus schoot hij die hond dood. Een ander was ontevreden nadat hij een auto had gekocht, en nam dat wapen mee om de verkoper te bedreigen. Dat soort verhalen stemmen tot voorzichtigheid.’
Radicale koerswijziging
Het waren ook dit soort incidenten die zorgden voor een radicale koerswijziging. ‘Bij de vorming van de nieuwe Politiewet 1993 heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken heel bewust besloten om hier een einde aan te maken. Toen zag je de geboorte van de boa. Het ging om mensen zoals leerplichtambtenaren, met een beperkte opsporingsbevoegdheid. Die waren niet gewapend, want wapens en geweldbevoegdheden horen bij de politie.’
Een boa hoort zich niet bezig te houden met de openbare orde
Een boa is er voor overtredingen
Maar de tegenargumenten liggen voor de hand. Wat als zo’n boa op zaterdagavond op het Leidseplein wordt geconfronteerd met geweld van dronken omstanders? Dan zullen die toch wat meer afstand houden als die boa beschikt over een wapenstok.
Timmer is niet onder de indruk. ‘Een boa is er voor overtredingen en hoort zich niet bezig te houden met de openbare orde op het Leidseplein. De openbare ruimte is de verantwoordelijkheid van de politie. Die is daar veel beter voor opgeleid en toegerust, en weet ook veel beter hoe je situaties kan de-escaleren.’
Personeelstekort bij de politie
Maar beschikt die politie niet over veel te weinig menskracht? Het is een uitspraak die je vaak hoort, en Timmer zet hier vraagtekens bij. ‘Het aantal personeelsleden bij de politie is de afgelopen twintig jaar alleen maar toegenomen en nu gestabiliseerd. We hebben meer politie dan ooit tevoren. Ik vraag me alleen af of al die mensen zich bezighouden met de goede dingen. Rij een paar dagen door Nederland en je ziet langs de snelwegen enorme kantoortorens met het politielogo. En kijk eens naar dat hoofdkantoor van de Nederlandse politie in Den Haag. Hoeveel mensen zitten daar wel niet? En wat doen die de hele dag? Is het mogelijk dat we boa’s naar voren schuiven om de gaten te vullen die we zelf hebben laten vallen?’
> LEES OOK: Adviesraad: ‘Geef boa’s bescherming, geen wapens’
Pilots
Een ander argument dan: de pilots. In het verleden zijn er een aantal georganiseerd, en daaruit bleek dat de invoering van een wapenstok voor boa’s de veiligheid voor iedereen verbeterde. Maar Timmer is alweer niet onder de indruk. ‘Het probleem met dit soort onderzoeken is een gebrek aan onafhankelijkheid. Ik heb meerdere malen gezien dat zo’n proef maar één doel had: een positieve uitkomst. Ik heb zelf zo’n pilot met een uitschuifbare wapenstok in de regio IJsselland geëvalueerd. Mijn conclusie: er waren geen duidelijke negatieve consequenties, maar ook geen duidelijke positieve. Dus stelde ik voor om de proef groter op te zetten. Maar dat was tegen het zere been van de toenmalige korpschef van de politieregio daar. Ik kreeg het dringende verzoek of ik die conclusie wilde aanpassen. Je begrijpt, dan is er van objectieve waarheidsvinding geen sprake meer.’
Professionaliteit politie verbeterd
Om positief af te sluiten: Timmer vindt de professionaliteit van de politie de laatste dertig jaar enorm verbeterd. ‘Ik heb al in 1993 onderzoek gedaan naar het gebruik van geweld. Daarvoor moest ik toen langs bij 148 gemeentekorpsen en 16 rijkspolitiedistricten, en die hadden allemaal verschillende formulieren. Bij een van die korpsen waren die bovendien verzameld in een zooitje verstofte dozen, en die stonden gestald in een paar afgekeurde cellenblokken. Dat is tegenwoordig ondenkbaar. Dit soort gegevens worden nu zorgvuldig digitaal geregistreerd. Dat is fijn voor de huidige generatie onderzoekers, maar ook voor de Nederlandse burger.’
Volg Security Management op LinkedIn








